Gekkigheid rondom de podia [kolom]

Follow Gillespy on Twitter BBfacebook

It comes in colors everywhere

Dames en heren, jongens en meisjes, ik ben een bevoorrecht mens. Dat mag je wel zeggen als je uit je grootste liefhebberij zóveel plezier kan putten als dat ik dat in de eerste twee weken van juli weer heb gedaan. Veelzijdig en kleurrijk zou ik de evenementen willen betitelen die ik in die 15 dagen mocht bezoeken. Vijftien ja, want de laatste dag van juni tel ik voor het gemak ook nog even mee. Toen begon de zon deze zomer in Nederland pas écht te schijnen en toen was ook de 33e editie van het Haagse Parkpop festival. De zonnebrillen konden eindelijk op de nog bleke neuzen gezet worden. Veelomvattend en levendig (wat gewoon synoniemen zijn van de eerder genoemde termen) zou ik het aanbod en de sfeer dáár willen noemen. Of het door die zon kwam weet ik niet, maar een zweem van roze en andere opgewekte inspirerende kleuren bleef er over die periode hangen. Als een herhalende factor, lees maar eens verder en let maar eens op.

Zelfs De Kraaien in het Zuiderpark doste zich kleurig uit in geel-groene tenues. Zanger Barry Hay ontdeed zich van zijn gouden oorringen en deed hetzelfde. Heeft vermoedelijk de ballen verstand van het spelletje maar gebruikte een voetbalshirt als schot voor open doel. Hij werd bijgestaan door een Wolff in schaapskleren. Niet te verwarren met de vrijgevige Geldwolf, uhh… Geldof die later nog met zijn band op het podium zou komen. Deze Wolff luisterde naar de exotische naam Pablo en had geen zeven geitjes nodig om zijn sprookje waar te maken. Ook geen oma maar een opa dit keer. Hé die Hay!

Gènig hoor, die Haagse kraaien maar de échte Zwarte Kraaien zagen we een dag later met een rotvaart de Amsterdamse poptempel Paradiso doorvliegen. Om daar na hun derde concert binnen een maand de bezoekers beduusd met suizende oortjes achter te laten. Sure Hard To Handle Babe. Het ‘zonnetje van de dag’ op Parkpop was Jo Harman. Met de Flower Power uitstraling van Janis Joplin en de charmes (inclusief hot-pants-jeans) van zichzelf. Maar vastberaden om haar carrière als zangeres heel lang vol te blijven houden. In een interview met TBA? toonde ze zich sans gêne en ruiterlijk (maar dan zonder paard).

Zó sta je oog in oog met Blondie zangeres Debbie Harry die ‘hét’ ondanks haar 68 levensjaren gewoon nog heeft! En die, behalve bij hitsige mannen van middelbare leeftijd, tegenwoordig ook populair is bij de Mokumse homogemeenschap, de pinkrock community. En zó mag je zelf op Dijkrock, het kleinste maar leukste openlucht festival van het Westland, een lokale blondine aankondigen. The beauty en haar beesten: Reneé Brak ("feessie gehàd joh!") met vier heldere geesten van Kraakhelder. Maar, girrrl power en een échte rocksound! Gekleed in het roze. Zij dan. Ik in het wit en soms in het zwart. Want je wilt het publiek niet teveel verwennen door kleur te bekennen.

Julian, de zoon van drogist Van Buuren, die vroeger op de hoek van de straat zat waarin ik woonde, stond donkere gespierde hardcore metalklanken uit zijn gitaar te rammen. Dat krijg je ervan als je vader Bas heet. Dan ga je snarenplukken als een malle. Het medicinale product Oriax is zwaar verslavend, tenzij je er voldoende van in je gaper pleurt. Oordopjes verkrijgbaar bij die plaatselijke drogist. De burgemeester had die niet nodig. Lange tijd leek hij al Oost-Indisch doof voor de roepende Dijkrock organisatie en hun aanhang in de multimedia woestijn. Maar het recht vierde zegen en de volumeknop kon worden opengedraaid. Ver genoeg om @SjaakVanDerTak (also known as: Jack Venderteck) er in zijn achtertuin zelf van mee te laten genieten tijdens zijn Birthday High Tea. Toch bedankt Edelachtbare Heer Van der Tak. Maar vooral thanks to Jan & John (de 2J’s), we weten dat jullie je weer de takken hebben gewerkt om niet de ‘sjaak’ te zijn. Dijkrock rules!

Een wit geschminkte joker met de merkwaardige naam Taars zag eruit als een druipkaars, in zijn roze billentikkert. Knotsgek, met z’n witte bek. Maar, het had het gewenste effect ("spelen homo!"). In een smeltkroes van Punk, Psychobilly, Rockabilly en Surf werd de muziek in hoge temperaturen verhit tot boven hun eigen smeltpunt. Voorgeschreven medicijn was dan om een overdosis Psychobillysurf tot je te nemen. Om vervolgens springlevend in een bizarre dodemansrit mee te kunnen jakkeren in hun Coffin Cadillac (die overigens wel in de stalling bleef). Tiedeldiedel-pom-pom deuntjes van Joe - die eigenlijk Joe-Y heet - en de drummer, met een cokehead… hat… cap.

Vrolijkheid kent geen tijd, vooruit met de geit. En over geiten gesproken: tèd voâh meiâh gekkeghèd in duh Dèk. Vèf frisse gastuh uìt duh Haag… ze kwamen een veelbelovende dansrevolutie ontketenen. De Playground Kids flirtte wat met twee kleine soul sisters op het podium én poseerde na afloop ook met mijn bloedeigen dochter. Dat mocht, omdat SSDR de MC van dienst allang had ingepalmd met hun stampende en dansbare indierock muziek. Zekeâh wetuh mensen! De Soul Sister Dance Revolution veroorzaakte een omwenteling aan de Dijk. Gelukkig stond die 13e eeuwse dijk na afloop gewoon weer op z’n plek zodat een overstroming van ongenode gasten voorkomen kon worden.

Het minst gekke was nog T.’Extra Large’ S. met zijn bluesband. Of het moet de giraffenek toetert geweest zijn waar de saxofonist zijn wangen op bol blies. Dat zag er wel beestachtig bizar uit. Eigen nummers en HendriXXL songs werden er in zomerbluesjes doorheen gejazzt. De Iceman deed goede zaken en lickte zelf lekker mee op zijn Sunburst Fender. GROTE klasse. De uitsmijter van Dijkrock was: muziek van: Slash door Backslash. Een project van één van Westlands topgitaristen, Len Ruygrok. En met zo’n achternaam kan je geen klassieke muziek gaan spelen natuurlijk. Wél klassiekers! Van Velvet Revolver, Slash’s Snakepit en uiteraard veel Guns N’ Roses.

Len & Co zijn weer teruggekropen naar hun roots dus. Grappig om te constateren dat Lenny een jaar of 17 geleden nog in een Maasdijkse tuinders schuur op ons verjaardagsfeestje stond te pingelen en nu de headLÉN was op het Dijkrock Festival. Welcome to the jungle of Maasdijk! Waar “we want more” blijkbaar hetzelfde betekent als: “Nick en Simon! Nick en Simon! Nick en…” nha-ja laat maar, ze begrepen mekaar en kwamen terug as de brandweer. Môôgguuuh manne! Bar volk, die Westlanders.

De vrijdag erop naar het misschien wel kleurrijkste evenement van Nederland het Port of Rotterdam North Sea Jazz Festival. Waar ondanks de multiculturele bezetting en rijke diversiteit aan muziekstijlen onze voorkeur toch weer uitging naar de blues(rock) en de funk(rock) acts. Dat festivalopener Larry Graham met zijn Graham Central Station een potje kon funken wisten we al een poosje. Dat mochten we ruim een jaar geleden nog eens aan den lijven ondervinden in één van onze vrijetijds woningen De Boerderij. “Je weet nooit waar ‘ie vandaan komt?!” riep ‘MC Nile’ Howard Komproe verbaasd voor aanvang. Nou wij wisten het wel hoor, vanuit het publiek zoals gewoonlijk. Zonder trommels dit keer maar met witte bas en witte jas. De funky swingende opener met speciale North Sea Jazz tekst was leuk. Het gastoptreden van Level 42’s Mark King was al aangekondigd en een medley van de Familie Steen was te verwachten met o.a. ‘Dance To The Music’, ‘Everyday People’ en ‘Family Affair’. Een donkere fotograaf ging er bepakt en bezakt met camera’s en telelenzen zo soepel op los alsof hij met Sly Stone zelf op het Woodstock podium stond te dansen. Hoe doen die mensen dat toch? Als ik me vol gooi met opbeurende pillen of 12 liter alcohol heb ik nog de ritmiek van een verzakte bulldozer in de bagger. Veel chocolademelk drinken zij m’n opa vroeger altijd, jaja ‘t zal wel.

Nog voordat dat irritante wijf van Graham op haar slippers het podium zou betreden schoof ik één podium op naar rechts. Alvast een mooi plekkie bemachtigen om een uurtje later de grijze baard van Seasick Steve in m’n oor te kunnen voelen kriebelen. Face to face met het publiek ontstond er plots een hoop consternatie. Stond ik in de weg of zo?! Nee, dr gebeurde wat op het podium naast ons. We deden een paar stappen naar achteren en zagen dat er een oud mannetje met een kroeskop en rond zonnebrilletje naast Larry was komen staan om gitaar te spelen. “Ohw, z’n opa doet mee” zei mijn concertmaat Arjan onaangedaan. Maar toen iemand die in de buurt stond maar bleef roepen: : “prins, prins, dé prins is er!” zei Arjan’s vrouw: “oh leuk Willem-Alexander komt binnen, weten ze niet dat die nu koning is soms?” The Artist Formaly Known As Prince (TAFKAP) maakte weinig indruk op ons met zijn korte gitaarriedeltje. Hoe anders had dat kúnnen zijn als ‘ie zijn mond had open getrokken. Afijn, veel mensen hadden hem weer 4 minuten live (via een videoscherm) gezien en waren er dagen daarna nog van in de war.

Achteraf deed het voorval me denken aan een gebeurtenis van ruim 31 jaar geleden. Toen kwam er bij een concert in Den Haag ook onverwachts een klein ventje het podium op. Maar die trok zijn grote scheur met rubberen lippen wél open en zong 3 songs live mee! Daar werd terecht nog maanden, nee jaren, over nagepraat en tot op heden heb ik ongeveer 82 keer zoveel ‘bezoekers’ horen zeggen erbij geweest te zijn dan dat er in dat zaaltje paste destijds. ‘Let It Rock’. Als een John Deere tractor stonden wij een uur later dus mee te ronken en te accelereren bij die hippe hype Seasick Steve. Die ondanks zijn voortschrijdende populariteit als een optrekkende trekker gewoon zichzelf blijft. Zo authentiek als het woord zelf en zo vintage als zijn kleding en instrumenten. Beetje lullen, flessie wijn dr bij (“this song is about the old times you could get drunk for a dollar and wake up with a two hundred dollar headache”). Lekker toch, niet-tan? Samen met drummer dolle hond Dan (Magnusson) maakte hij er een mooi optreden van. En daar was geen noot jazz bij! Al sinds jaar en dag kan het NSJF niet meer zonder de steunpilaren uit de blues- en funkwereld om commercieel succesvol te blijven. Maar ach, wat kan ons het bommen? Zolang het reteswingend is en het dit retegoeie feest niet verknalt.

Omdat op het linker Nile podium de muzikale orgie dusdanig uit de klauwen liep, zijn we tijdens het Santana optreden de frisse lucht gaan opzoeken. Larry deed het eerder die avond met Mark, Prince en Carlos. En Carlos deed het nu weer met Larry. Confessions of ex-hippies was aangebroken. Sinds ze in de Woodstock wei samen een blowtje hebben gerookt vinden ze elkaar helemaal té wauw en peace and love, man. Samen delen samen spelen dus. Het elftal Santana zorgde verder voor weinig verrassingen. Carlos zijn quasi ongeïnteresseerde houding kennen we nu wel en eigenlijk zijn nummers als ‘Black Magic Woman’, ‘Oye Como Va’ en ‘Maria Maria’ ook wel.

Nee, dan JJ Grey! Als we op het Mississippi plein (een tent kan je het immense afdak niet noemen) aankomen zijn we de enige. Dus weer nestelen we ons vooraan bij het podium waar de restanten van het Ruben Hein optreden worden opgeruimd. Maar als JJ & zijn band Mofro het podium opkomen, loopt het plein in een mum van tijd vol. JJ is goed bij stem, lacht, geniet… een blij mens. Het optreden is natuurlijk veel te kort maar blijmoedig én funky - ja een beetje jazzy zelfs - “Bad Ass Jazz Cats” met een prachtige ‘Orange Blossom’ en het hilarische ‘Ho Cake’ als afsluiter. Het kleurenpalet van Grey bestaat uit 99 shades of gray. Ook tijdens de rendez-vous in de signeersessie na afloop blijft de man uit Florida opgewekt. Net als Seasick Steve houdt hij van Nederland en wij houden van hem [lees hier ons eerdere interview met JJ Grey].

De zaterdag erna - als onze schrijvende en fotograferende TBA? Collega’s Bospop en NSJF verder onveilig gaan maken - reizen wij wederom af naar Amsterdam. Dit na de wereldsteden Den Haag, Maasdijk en Rotterdam gehad te hebben in deze speed meeting zomertour. “How sweet it is!". George Thorogood & the Destroyers kwam ons on the eve of destruction uitleggen hoe je een Rock Party moet vieren. Niet nadat de Zeeuwse Juke Joints een dozijn bluesrock songs van de betere kwaliteit als een heavy chain aan elkaar had geregen alvorens in de nacht terug te keren naar hun Hometown Kwadendamme (e/o). Met heldere klappen en bijna in onverstaanbaar Zeeuws dialect lulde drummer/zanger Peter Kempe ook de aankondigingen aaneen. Hoezo authentiek? Ooorr jie me nie?! Veel bekenden in de zaal daar en een Amerikaanse gorilla die het onze fotograaf lastig probeerde te maken. Dat is hem niet gelukt, gezien de bonte verzameling plaatjes die we weer toegeschoven kregen.

Tot zover een relaas van 15 dagen sun ‘n fun, rhythm ‘n blues, rock ‘n roll, heart ‘n soul en colors ‘n spirits. En dat terwijl mega-acts als de Rolling Stones en Bruce Springsteen & the E Street Band Europa op z’n kop zetten. En het nieuwe festival Roots in the Park te Utrecht ten doop werd gehouden. Natuurlijk had ik dáár ook graag bij willen zijn, maar beleef het zelf en merk hoe kleinschaligheid soms ook GROOTS kan zijn! It comes in colors everywhere, even while you dance in the dark. Geniet!

Foto’s met dank aan: Arjan Vermeer, José Gallois, Frank van den Ing.

Reageren is niet mogelijk.